Archief voor Efficiënt

Drinken uit de brandslang.

Geplaatst onder Leren en ontwikkelen, Social Media met tags , , , op 7 juni 2011 door Hans de Gruijter

Op twitter liep ik tegen deze blog aan. Na het lezen ervan schoot mij een aantal zaken door m’n hoofd. Het idee voor deze blog werd daar geboren. Omdat ik toen geen tijd had om te schrijven, stuurde ik wel een tweet als reactie. Die tweet had, besefte ik me later, als ondertoon “life is all about choices”. En als je niet wilt of kunt kiezen kan het wel eens gebeuren dat iets je (veel) teveel wordt.

Nadenkend over deze blog kwam ik erop uit dat het voor mij om de volgende zaken gaat: social-media etiquette, hoe maak je een keus uit de overvloed aan informatie en wie wil ik zijn op het www?

Social-media etiquette. Hier is al heel veel over geschreven op allerlei fora en blogs. Dit is één van de meer aansprekende blogs. Net als bij de “normale” etiquette geldt ook hier dat het helemaal aan jezelf is om je er al of niet aan te houden. Daarmee kom je eigenlijk ook al uit bij het derde item van mijn blog; wie wil je zijn op het www?

Hoe kies je nou? Alleen het bijhouden van je timeline op twitter kan al een dagtaak opleveren. Hangt uiteraard af van het aantal tweeps dat je volgt en hoe actief die zijn. Als je meer dan 1000 mensen volgt en 10% daarvan twittert met regelmaat (1 tweet per uur; en dat is nog niet heel veel….) heb je bij een gemiddelde werkdag (8 uur toch?) al 800 tweets te verstouwen. Ik hoef niet verder uit te weiden, denk ik. Vraag blijft, hoe kies je? Hoe drink je nu uit een brandslang die vol open staat? Deze laatste beeldspraak komt uit een verslag van de presentatie van het boek “En nu online” van Sibrenne Wagenaar en Joitske Hulsebosch. Lees het verslag en bepaal voor jezelf hoe je met die brandslang om wilt gaan.

Wie wil ik zijn op het www? Ik ben de laatste die wil voorschrijven hoe anderen invulling moeten geven aan hun on line aanwezigheid en presentatie. Ik zal daarom aangeven hoe ik mijn aanwezigheid en presentatie invul.

  • Je krijgt wat je geeft. Ik geloof in het principe van wederkerigheid.
  • Social media gaat voor mij over het toevoegen van waarde. Ik volg mensen die voor mij van waarde zijn, of waardevolle bijdragen leveren. Ik probeer van waarde te zijn voor de mensen die mij volgen. Het gaat voor mij niet om kwantiteit; zoveel mogelijk volgers en gevolgden.
  • On line = off line en vice versa. Het gebeurt regelmatig dat ik mensen die ik on line leer kennen later “in real life” tegenkom. Ik kan en wil niet toneelspelen. Ik gedraag me on line niet anders dan off line. Voor mij makkelijk, voor de ander wel zo duidelijk.
  • Kiezen is lastig en schept duidelijkheid. Hoe verleidelijk het ook is om alles te willen volgen, is kiezen voor mij noodzakelijk. Het geeft duidelijkheid en rust. Ik kies voor twitter en volg daar maximaal 120-130 mensen. Ik volg vooral mensen die twitteren over leren, ontwikkelen, leiderschap, samenwerken en, vanwege mijn eigen sportieve voorkeur, over wielrennen. En via Google Reader volg ik een twintigtal blogs. En dat alles kost me soms toch meer tijd dan me lief is…..
  • Ik parkeer m’n ego af en toe….. Ik herken het gevoel van Jan Willem Alphenaar als hij aangeeft dat het hem een kick geeft als een blog van hem wordt aanbevolen en als een tweet een retweet krijgt. Dat is inderdaad een lekker gevoel, maar daar gaat het (voor mij) niet primair om op twitter, of bij andere vormen van social media.
Als ik zo terug kijk is het laatste deel bijna een Credo geworden; ik geloof in…..
Waar geloven jullie in, als het over aanwezigheid en presentatie op Social Media gaat?

Meer zorg door minder regels? Maar hoe dan?

Geplaatst onder Leren en ontwikkelen met tags , , , , , , op 31 oktober 2010 door Hans de Gruijter

In een artikel dat zaterdag 30 oktober in de Volkskrant verscheen werd melding gemaakt van een onderzoek door Newcom Research & Consultancy onder 800 werkenden in de zorg. Opvallend aan de uitkomst van dat onderzoek is dat de ondervraagden aangaven dat niet bezuinigingen, maar efficiënter werken in de zorg de gewenste (en hoognodige) besparingen in de zorg zullen opbrengen. Vraag is wel hoe dat efficiënter werken dan bereikt zal moeten worden. In ieder geval niet door top-down opgelegde reorganisaties, maatregelen of procedures. Maar hoe of wat dan wel? Eén voorstel is ook al vanuit de centrale overheid aangedragen; voor elke nieuwe regeling, moeten er minstens twee verdwijnen. Een mooi begin én niet genoeg. Er moet meer gebeuren; niet alleen top-down, maar vooral bottom-up. Gras groeit tenslotte ook van onderaf!

Eerdere blogs van mijn hand hebben laten zien dat ik zeer gecharmeerd ben van een aantal theorieën, zienswijzen en aanpakken. Het gaat dan om de theorie dat alles dat je aandacht geeft, groeit. Hier is ook een uiterst leesbaar boek over verschenen van de hand van Cora Smit en Saskia Tjepkema. Hoewel het boek vooral geschreven lijkt te zijn voor managers (ondertitel is niet voor niets “de kunst van het transparant managen”), zie ik meer dan genoeg mogelijkheden om het principe dat in het boek wordt uitgewerkt, niet alleen tot de “kunst van het managen” te beperken. Ook de zienswijze vanuit de Appreciative Inquiry (AI) wil ik in mijn betoog meenemen. AI propageert dat je veranderingen en verbeteringen vooral kunt bereiken door te focussen op wat je al goed doet. De laatste bouwsteen voor mijn betoog over hoe veranderingen in de zorg vorm te geven komt uit één van mijn favoriete boeken van de laatste tijd; Switch van Chip & Dan Heath. Uit dat boek belicht ik nu het deel dat gaat over het zoeken naar lichtpuntjes. Zie daarvoor ook mijn blog met die titel.

Alles groeit door aandacht. De stelling uit het boek van Cora Smit en Saskia Tjepkema komt voort uit een behavioristische kijk op leren. Heel basic komt het voort uit het belonen van gewenst gedrag en het “straffen”, in de vorm van negeren, van ongewenst gedrag. Wat gaat deze kijk helpen bij het ontwikkelen van alternatieven om binnen de zorg efficiënter te gaan werken? Hiervoor is het nodig om het gedachtegoed omtrent lichtpuntjes uit Switch te halen. Chip & Dan Heath stellen (en onderbouwen dat ook) dat in elke situatie die voor verandering in aanmerking komt, al mensen te vinden zijn die de gewenste verandering, soms tegen alle verdrukking in, hebben bereikt. Het loont dan de moeite om deze lichtpuntjes te gaan onderzoeken en de essentie die geleid heeft tot het succesvol veranderen te definiëren. Aandacht gaat dan in twee opzichten helpen; aandacht voor die mensen die mee gaan zoeken naar de lichtpuntjes. Degenen die niet mee willen in die zoektocht, worden genegeerd. De andere vorm van aandacht gaat uit naar de successen (of vooruit, de succesjes) die worden gevonden. Die ga je benoemen en uitgebreid over het voetlicht brengen. In de hoop dat anderen zien dat je aandacht krijgt door specifiek benoemd gedrag (zoeken naar lichtpuntjes én het definiëren van de succesfactor van die successen). Al het andere gedrag negeer je. En iedereen die het heeft meegemaakt om te worden genegeerd in een groep, weet hoe dat voelt…..

Waarderend onderzoeken. Een aantal opmerkingen over het waarderend onderzoeken (zoals AI in Nederland wordt genoemd) maken de cirkel compleet. Er werken duizenden mensen in de zorg. Velen daarvan behoren tot het uitvoerend niveau, die we met de term “de handen aan het bed” treffend omschrijven én daar tegelijk te kort mee doen. Zij doen veel, treden handelend op. Zij doen dat vanuit een gedegen opleiding en gevoed door een, veelal jarenlange, ervaring. In deze groep mensen zit heel veel “tacit knowledge“; kennis die niet is vastgelegd in boekwerken of digitale bestanden. Kennis die in de hoofden en misschien wel in de handen van die mensen zit. Zaak is om via waarderend onderzoek (er gaat gelukkig ook heel veel goed tot zeer goed in de Nederlandse zorg) de lichtpuntjes binnen de zorg te vinden. Dat kan alleen als de werkvloer betrokken wordt bij dat onderzoek. Zij weten wat werkt en vooral ook wat niet werkt. Deze bijdrage en betrokkenheid voorkomt dat nieuwe voorstellen mislukken omdat deze worden verzonnen door managers die te ver af staan van die “handen aan het bed”.

Switch? Gaan we op deze manier de switch omzetten? Gaan we het verschil maken? Gaan we het in Nederland voor elkaar krijgen dat de zorg beter, want efficiënter wordt georganiseerd? Gaan we voor elkaar krijgen dat de zorg dan én betaalbaar blijft én het hoge niveau behoudt? Gaan we dan voor elkaar krijgen dat er meer mensen in de zorg willen werken, omdat ze het belangrijk werk vinden én daar de erkenning en waardering (niet alleen financieel!) voor krijgen die ze verdienen? Ik weet het niet. Wat ik wel weet is dat de door mij beschreven manier nieuw is om naar een dergelijk groot probleem te kijken. Gelet op de (inmiddels bewezen) waarde van de onderdelen binnen de door mij geschetste manier, verdient dit voorstel in ieder geval meer dan direct ter zijde te worden geschoven.

 

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.