Onder deze titel stond zaterdag 8 januari een interview met Boudewijn Poelmann. In het kader van de serie artikelen “De stijl van de leider” hadden Pieter Broertjes en Wilma de Rek de baas van de Nationale Postcode Loterij geïnterviewd. Nou had ik al eens eerder een stuk willen schrijven over leiderschap. Daarbij had ik in gedachten het boek van Manfred Kets de Vries – “Leiderschap ontraadseld“. Nog steeds één van de meest complete, interessante en inspirerende boeken over leiderschap. Om nou in een kort en leesbaar blog dat boek te behandelen was en bleef een te groot obstakel. Toen ik het interview met Boudewijn Poelmann had gelezen, wist ik het. Hier ga ik over schrijven.
Maakt dat het boek van Kets de Vries minder of niet bruikbaar? Welnee. Diegenen met veel nieuwsgierigheid en net zoveel tijd; lees “Leiderschap ontraadseld”. Degenen met minder tijd, maar wel veel nieuwsgierigheid; lees vooral verder.
Voor ik verder schrijf; ik pretendeer niet dat ik hier een pasklaar “recept” ga geven voor leidinggeven. Er zijn mij duizenden voorgegaan met het schrijven over leiderschap. Hele warenhuizen vol boeken zijn geschreven. De reden dat ik nu wel ga schrijven is dat het verhaal van Boudewijn Poelmann mij aansprak. Mij inspireerde. Door de eenvoud, de focus die hij aanbrengt, de bescheidenheid en de betrokkenheid bij de mensen waar hij leiding aan geeft, of gegeven heeft. Uit het interview met Poelmann destilleer ik 7 aspecten die voor hem van belang zijn als het om leiderschap gaat. Stiekem toch de “7 habits of highly effective people?
Passie. Dit is ook het advies dat hij aan startende ondernemers zegt als die hem om raad vragen. “Er is maar één ding en dat is passie. Klaar.” Hij stelt dat passie kennis vermeerdert. Door passie ga je ergens voor, je laat zien dat je doorzettingsvermogen hebt. Ik zie hier zomaar parallellen met het verhaal van Gladwell; je wordt goed in de dingen die je heel vaak doet. Passie gaat je helpen dat vele doen en oefenen vol te houden.
Visie. Door de veranderde rol die hij in de loop der jaren heeft opgepakt binnen zijn bedrijf, onderkent hij dat hij nu vooral moet zorgen voor een heldere visie. De centrale visie is dat een gezonde samenleving behoefte heeft aan een krachtig maatschappelijk middenveld. Daartoe heeft hij, onder anderen met Herman Wijffels, een kleine bijbel geschreven; Planet First. In het belang van onze toekomst moet onze aarde weer onze eerste prioriteit worden. Daarin benoemt die “bijbel” drie hoofdpunten:
- De bescherming van ons milieu
- Duurzaam gebruik van natuurlijke rijkdom
- Eerlijk verdeelde toegang tot die rijkdom.
Missie. Je moet iets willen. Poelmann wil iets en gelukkig willen een heleboel mensen om hem heen dat ook. Die gezamenlijk gedragen missie zorgt voor twee zaken; een duidelijk doel waar zij naar toe willen. En verbondenheid met die missie, met de organisatie en met de mensen die daar in werken. Hij geeft toe dat die missie een hele softe is: Dat overal op de wereld bloemetjes bloeien en dat iedereen gelukkig is. Poelmann wil langzaam aan wel weg uit de “frontlijn”. Hij wil de leiding overdragen aan nieuwe, jongere mensen. Hij wil wel zorgen dat de onderneming kan blijven bestaan zoals dat ooit is bedoeld. Daartoe zal hij moeten blijven bijdragen aan de visie en de missie. Daar zit de garantie voor het voortbestaan van die onderneming.
Kwaliteit eisen. Je moet uitstralen dat je beter wilt zijn dan de anderen en dat dan ook waarmaken. In alles wat je doet. Eis het van jezelf en eis het van de medewerkers. Wat hier in zit is het volgende: verhef het tot groepsnorm; niets zo besmettelijk als een groepsnorm.
Aardig zijn. Poelmann is er van overtuigd dat je het niet lang volhoudt als leider als je je als klootzak gedraagt. Hij betoogt dat alle grote leiders een erg belangrijke eigenschap hadden: ze waren aardig. De klootzakken gaan uiteindelijk op hun bek, omdat er altijd wel iemand is (die waarschijnlijk hufterig is behandeld) die deze klootzak laat struikelen. Als je groot wilt worden, moet je aardig zijn. Je moet anderen hun succes gunnen. Dan komt dat uiteindelijk ook terug; anderen gunnen je jouw succes.
Flexibel in rollen. Toen Poelmann begon met zijn ondernemingen was hij vooral de pionier. De man met een visie, een missie en boordevol ideeën. De voortrekker, de doordouwer, de organisator. Nu zijn onderneming groot is geworden en goed draait, merkt hij dat hij vooral de man is die de visie en missie bewaakt en scherp houdt. Die flexibiliteit in rollen is niet iedereen gegeven. Ook de wijsheid om iemand anders de noodzakelijke rol, die je zelf als leider niet beheerst, te geven, ontbreekt ook nog al eens. Op veel plekken overheerst het (waan)idee dat je als leider alles moet kunnen.
Vrouw achter de leider. Poelmann beseft dat je als leider bescheiden moet blijven. Hij geeft aan dat in zijn geval het thuisfront er voor zorgt dat hij geen gekke dingen gaat doen. Zijn vrouw zorgt er, onder anderen, voor dat hij in alle bescheidenheid zijn leidinggevende rol wil vervullen en zich niet gek wil laten maken. Deze laatste quote haalt Poelmann uit het boek “Good to great” van Jim Collins. Hier koppelt Poelmann nog een interessante opmerking aan. “Je moet veel bazen hebben, zodat je aan veel mensen verantwoording moet afleggen”. Poelmann legt verantwoording af aan twee Raden van Commissarissen.
In het verloop van het artikel zegt Poelmann, hij was ooit bestuurslid van de VVDM, ook nog een aantal opmerkelijke dingen over de krijgsmacht en militairen. Daar ga ik het graag een volgende keer over hebben. Dan hebben mijn lezers, samen met mij, iets om naar uit te kijken.
Diegenen die graag het volledige interview met Poelmann willen lezen en geen abonnement op de Volkskrant hebben, kunnen het artikel downloaden van mijn LinkedIn profiel.