Archief voor Verbeteren

Ik irriteer me suf….

Geplaatst onder Onderwijs met tags , , , , op 28 december 2010 door Hans de Gruijter

Het lijkt op een virus dat inmiddels resistent is geworden tegen elk denkbaar antibioticum. Je hoort het bijna overal. Gebruikt door alle lagen van de bevolking. Zelfs door mensen die boven alle twijfel verheven leken. Ik weiger te geloven dat ook dit verkeerde gebruik van een werkwoord past in wat taalkundigen een levende taal noemen. Daarom nu de kortste blog die ik tot nu toe heb geschreven. Nog één keer dan: ik erger me rot. Want het verkeerde gebruik van wederkerende werkwoorden irriteert me mateloos!

Hoort zegt het voort.

Overigens kan ik iedereen aanraden om op Youtube te zoeken naar nog meer briljante filmpjes van Van Kooten en de Bie. Vooral de uitleg over het juiste gebruik van “als” en “dan” overstijgt zelfs de term briljant. Want behalve vreselijk geestig zijn ze ook nog eens leerzaam. Misschien verplichte leerstof voor de lessen Nederlands op school. Leren de kinderen nog wat en het is nog leuk ook. Oh nee, dat mocht niet meer van de Minister.

You don’t have to be straight to shoot straight.

Geplaatst onder Samenleven met tags , , , , , op 20 december 2010 door Hans de Gruijter

Een betere tekst had er niet op het T-shirt kunnen staan. Het werd gedragen door activisten bij een persconferentie in Amerika. Die persconferentie ging over het officiële US Armed Forces beleid van “Don’t tell, don’t ask.

En dat was uiteraard de grootste gotspe van de laatste jaren. Een officieel beleid (17 jaar geleden door nota bene een democratische President ingesteld) dat ervoor zorgde dat de enige supermacht van deze wereld grote groepen militairen ertoe dwong in ieder geval figuurlijk (en wellicht ook letterlijk!) in de kast te blijven. Na wat gejojo werd het vandaag toch officieel; het beleid van “Don’t ask, don’t tell” is verleden tijd. Een weekje gelden was er nog een laatste stuiptrekking toen de Commandant van de US Marines, Generaal John Amos, beweerde dat homo’s in het leger een gevaar vormden voor “zijn” Marines.

Obama heeft in dit geval het ijzer gesmeed toen het heet was. En toen er nog kans was op een positieve afloop. Want met ingang van 3 januari a.s. is het Huis van Afgevaardigden niet meer in Democratische handen. Dus toen wetsvoorstel om “Don’t tell, don’t ask” af te schaffen vorige week door het Huis werd aangenomen ging het ineens snel. En omdat in de Senaat acht Republikeinse Senatoren met hun partij braken was de wet er ineens heel snel door.

Terecht. terecht om twee redenen. De eerste werd vooral door Obama treffend verwoord. ’Het is tijd om dit hoofdstuk in onze geschiedenis af te sluiten’, zei hij. ‘Tijd om in te zien dat opoffering, moed en integriteit evenmin iets met seksualiteit te maken hebben als met ras of sekse, geloof of afkomst.’ De tweede werd, uiteraard, niet door Obama benoemd. Die heeft te maken met de hypocrisie die Amerika hier tentoon spreidde. De aanwezigheid van veel Amerikaanse troepen heeft allereerst te maken met het bestrijden van internationaal terrorisme dat in dit Centraal-Aziatische land een bakermat kent. Een tweede, of misschien wel pas derde reden voor die aanwezigheid van Uncle Sam aldaar heeft te maken met een nobeler streven. En dat is het verbeteren van de positie van de vrouw in de Afghaanse cultuur en samenleving.

En hier is het dat het Amerikaanse spek begint te stinken. Hoe kun en durf je het vol te houden dat je, voor een deel, op een emancipatoire missie bent als je een (groot) deel van je eigen mannen en vrouwen verplicht om niet voor hun (seksuele) geaardheid uit te komen? Niet dus. Het gaat nu ook weer te ver om de Amerikanen een groter draagvlak in Afghanistan toe te kennen, alleen door het opheffen van het “Don’t ask, don’t tell” beleid.

Is het nu allemaal koek en ei op het vlak van normale verhoudingen in de US Armed Forces? Als het gaat om de openlijke erkenning van homoseksuele mannen en vrouwen dan durf ik daar voorzichtig ja op te zeggen. Al zal het nog wel enige jaren duren voordat dit in de enorme organisaties (US Army, US Air Force, US Navy en US Marines) de normaalste zaak van de wereld is. Waar het nog ernstig aan schort is een normale benadering van relaties op de werkvloer. Zolang dat tussen een man en een vrouw (en dus straks ook tussen twee personen van hetzelfde geslacht!) van gelijke rang is, is er niets aan de hand. Op dit moment is het nog steeds “undone” om “door de rangen” heen relaties aan te knopen. Als het toch gebeurt en de leiding komt erachter is doorgaans de laagst gegradueerde van het tweetal de pineut. Waarbij gedwongen overplaatsing nog de minste straf is.

Hoog tijd voor de US Armed Forces om ook hier emancipatoir op te treden. Verbeter de wereld en begin bij jezelf!

Repeteren, herhalen, repeteren, herhalen, etc, enz….

Geplaatst onder Leren en ontwikkelen met tags , , , , , op 2 december 2010 door Hans de Gruijter

Vroeger was ‘t niet eens zo slecht, schiet me steeds vaker te binnen. Vooral als ‘t over opvoeden en onderwijs gaat, lijkt het alsof onze ouders en voorouders ‘t allemaal wel goed hadden gezien. Aanleiding voor deze overdenking was een opiniestuk van Ferry Haan in de Volkskrant van vandaag. Zijn stuk met de titel “Repeteren komt weer helemaal terug” geeft aan dat een effectieve maar niet zo populaire manier om te leren lang ondergewaardeerd is geweest. Ten onrechte. Ik kan hem daar alleen maar in gelijk geven. Ik zal laten zien waarom.

Je wordt goed in de dingen die je veel doet. Voorbeelden hiervoor liggen voor ‘t oprapen. We hoeven alleen maar naar topsporters te kijken om te zien dat het waar is. Het is niet waar dat het alleen maar talent en aanleg is. Kijk bijvoorbeeld naar foto’s van jeugdelftallen van Ajax, Feyenoord of PSV van een jaar 10 geleden. Je herkent dan per team hooguit één of twee gezichten van spelers die inmiddels zijn doorgebroken en in het eerste van die ploegen spelen. Of wellicht zelfs bij één van de grote Europese clubs onder contract staan. En al die 11 (of meer) jongens die op die foto’s stonden, hadden aanleg en talent. Allemaal, stuk voor stuk. Wat maakt dan dat die paar het wel maken? Doorzettingsvermogen en vooral veel doen. Het mooiste voorbeeld hiervoor is Dirk Kuyt. In vergelijk met leeftijdgenoten een “beperkte” voetballer. Hij staat al jaren aan de top en speelt nu bij Liverpool.

Een ander voorbeeld dat veel doen, heel veel doen, zorgt dat je ergens goed in wordt is Rüdiger Gamm. Deze Duitser besloot, na een niet zo bijster goed verlopen school- en studieloopbaan, op 21-jarige leeftijd dat hij goed wilde worden in rekenen. Vanaf dat moment is hij gaan oefenen met hoofdrekenen. Niet een beetje oefenen, heel veel oefenen. Uren per dag, weken, maanden en jaren lang. Nu, 39 jaar oud, wordt Rüdiger beschouwd als een wereldwonder als ‘t over hoofdrekenen gaat. Hij is sneller met complexe sommen dan getrainde calculator gebruikers. Had Rüdiger een bijzonder talent, speciale aanleg voor rekenen? Nee, niet meer of beter dan anderen uit zijn schooljaren. Eén bijzonder talent heeft hij wel: doorzettingsvermogen.

Een derde en laatste voorbeeld komt uit een boek van één van m’n lievelingsschrijvers, Malcolm Gladwell. Dat boek is Uitblinkers. Gladwell toont daarin aan dat we altijd verkeerd, of wellicht beter geformuleerd, niet volledig naar uitblinkers hebben gekeken. Zo stelt Gladwell als meest opvallende punt, dat uitblinkers vaak vooral door toeval zo goed zijn geworden. Uiteraard was er sprake van talent en aanleg. Maar zeer zeker ook een behoorlijke portie toeval, of zo je wilt, geluk. Zijn belangrijkste punt voor dit stuk, maakt Gladwell echter als hij het heeft over “uren maken”, “meters maken”. Op basis van diverse voorbeelden berekent hij dat je minimaal 10.000 uur moet oefenen om echt heel erg goed te worden. Uitzonderlijk goed.

Kortom, in mijn ogen voldoende voorbeelden die laten zien dat repeteren en herhalen gewoon terug moeten komen in het onderwijs. Dan heb ik het nog niet eens gehad over de principes van breinleren, die ook laten zien dat herhalen een belangrijk, zoniet onmisbaar, principe is in leren. Als ons onderwijs dit principe van repeteren weer omarmt, krijgen onze kinderen weer een stevig fundament. Dat fundament heet basiskennis en -vaardigheden. En als side-effect heeft Nederland weer een kans zijn goede naam op onderwijsgebied terug te krijgen.

Tot slot om het allemaal nogmaals te laten zien (en omdat het zo’n mooi filmpje is) een verhaal van Michael Jordan. Ja hij had talent, ja hij had aanleg, ja hij had een lichaam dat erg geschikt was voor basketbal. En ja, hij heeft zijn uren gemaakt in “the gym” en “on the pitch”. Kijk, luister en geniet. En laat de boodschap tot je doordringen!

Dood ga je toch.

Geplaatst onder Samenleven met tags , , , op 25 november 2010 door Hans de Gruijter

De enige zekerheid die we met z’n allen hebben is dat we dood gaan. Doorgaans niet een zekerheid waar we heel erg blij van worden. Zoals het boek “Tous les hommes sont mortels” van Simone de Beauvoir echter laat zien is het leven waar geen eind aan komt, uiteindelijk niets waard. Ons leven is dus waardevol door het einde dat onherroepelijk komt. Iedereen hoopt natuurlijk dat dit onherroepelijke einde pas na een jaar of 80 komt. Hoewel er ook genoeg mensen zijn waar het bereiken van die leeftijd met zoveel pijn en ellende gepaard ging, dat het voor hen (en voor hun nabestaanden!) ook best eerder afgelopen had mogen zijn. Niet ongewoon, maar wel tragisch is het als iemand op jonge leeftijd sterft of als het niet nodig was geweest. Of beter verwoord; als het voorkomen had kunnen worden.

Uit een artikel in de Volkskrant van vandaag blijkt dat elke 20e dode in een Nederlands ziekenhuis voorkomen had kunnen (en moeten?) worden. Eerst een aantal relativerende opmerkingen bij dit cijfer. Bij het voorlaatste onderzoek (in 2004) was het percentage 4,1; nu iets meer dan 5 (5,5%). Wel een stijging, maar statistisch gezien kan er van alles aan de hand zijn. En, als het je tijd is, ga je toch, nietwaar? De onderzoekers geven aan dat het wel een robuust probleem is dat niet met op zich staande maatregelen worden opgelost.

Ik ben weliswaar katholiek opgevoed, maar al jaren niet meer praktiserend, laat staan gelovig. En toch geloof ik dat sommige dingen niet toevallig gebeuren. Sommige zaken zijn te toevallig om toeval te kunnen zijn. De term predestinatie gaat me veel te ver, dus dat is het niet. Ik weiger dit toeval echter te accepteren bij jonge mensen die overlijden. En bij mensen die overlijden door klungelig of stomweg nalatig handelen van artsen en verplegend personeel.

Maar ja, het leven is complex geworden. Klachten en ziekten zijn complex geworden. Ziekenhuizen zijn complex geworden. Behandelprocedures en -protocollen zijn complex geworden. Allemaal waar. Het belangrijkste is en blijft dat mensen die in een ziekenhuis worden opgenomen er weer gezond uit willen komen. Zij rekenen er ook op dat  artsen, verplegers en verzorgers minimaal 100% geven aan inzet, kennis en kunde om dat doel te bereiken. En ik geloof niet dat elke 20e dode zo ziek was dat zelfs die 100% inzet en kwaliteit hem niet kon redden.

Betekent dit nu een aanklacht tegen alle artsen, verplegers en verzorgers? Nee, ik zou het niet durven. Ik ben blij dat er nog steeds zoveel mensen zij die in een ziekenhuis willen werken. Is dit dan wel een aanklacht? En zo ja, tegen wie dan? Als ‘t al een aanklacht is, is het er één tegen de beleidsmakers en het bestuur van de gezondheidszorg. Er moest marktwerking komen, ziekenhuizen moesten bedrijfsmatiger worden opgezet en bestuurd. Allemaal waar. En in tijden (zoals nu) waarin de regering elk dubbeltje 3x moet omdraaien kan Nederland het zich niet veroorloven om met geld te smijten. In welke sector dan ook. Maar een ziekenhuis moet wel zo zijn georganiseerd en zo worden bestuurd dat zorgverleners (artsen, verplegers, etc.) zich ook alleen maar hoeven en kunnen richten op het (weer) gezond maken van hun patiënten.

Er moet dus iets gebeuren in de ziekenhuizen. Al was het alleen maar dat elke arts, bij wie een patiënt overlijdt, de nabestaanden recht in de ogen kan kijken. En daarbij kan zeggen dat alles is gedaan. Dat alle mogelijke middelen en manieren zijn ingezet om dat leven te redden. En dat er geen redden aan was. Je zult maar de nabestaanden van die 20e dode zijn.

Als de BV Nederland dat voor elkaar krijgt, mogen van mij al die medisch specialisten een hele goed belegde boterham verdienen. En verhoog dan ook maar het salaris van die onmisbare handen aan het bed!

Ouderwets?

Geplaatst onder Algemeen met tags , , , , op 1 november 2010 door Hans de Gruijter

Pas later begreep ik dat het lag aan “Belgendag”. Een keurige dame van, laat ik het maar zo zeggen, middelbare leeftijd, vertelde dat bij het rode fietserslicht waar we netjes stonden te wachten tot we konden oversteken. Ook daar versperde een aantal auto’s de vrije doortocht naar de overkant. Op 1 november zijn én alle Belgen vrij en zijn alle winkels daar dicht. Ze komen dan in grote getalen naar Breda om daar te shoppen. Waarschijnlijk windowshoppen, gelet op de vaste winkelsluiting op maandag, maar dat terzijde.

Waar het in ieder geval toe leidde is een kleine verkeerschaos in het centrum van Breda. Nu was me al vaker opgevallen dat de regel (?) die zegt dat je als automobilist altijd het “kruisingsvlak” vrij dient te houden wel iets aan bekendheid kan winnen. Ook vlak bij het station versperde een grote combinatie rustig het verkeer dat van het station kwam een vrije doorgang naar de overkant. En ik erger me dan behoorlijk. Uiteindelijk botsen hier (gelukkig alleen figuurlijk) twee zaken. Automobilisten in de avondspits willen maar één ding; naar huis. Of in ieder geval in beweging blijven. Ik herken dat wel als ik zelf in de auto zit. Niets erger dan een file. Ik rij liever om dan dat ik stil sta. Waar die wens mee botst is de wat gedragen uitdrukking dat de vrijheid van de één ophoudt waar de onvrijheid van de ander begint. De vrijheid om de kruising op te rijden en daarmee een blokkade te vormen voor anderen beperkt de ander in zijn of haar vrijheid. Ook het principe van de wederkerigheid komt om de hoek kijken. Of ben ik nu echt ouderwets?

Wederkerigheid werd bij ons thuis vroeger vervat in de aloude kreet: “wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet”. Mij bekruipt het vermoeden dat deze slogan inmiddels behoorlijk onder het stof is geraakt. Ik merk in ieder geval niet dat mensen er naar handelen. Ik kan me zo voorstellen dat het gros van de automobilisten, geconfronteerd met een “kruisingbezetter” witheet uit het autoraampje zouden hangen om de zondaar alles wat lelijk is toe te wensen. Maar als zij zelf een “kruisingbezetter” zijn elke vorm van kritiek met minstens even luide stem en ondersteund met een groot aantal krachttermen, af zouden wijzen.

Waar het toe leidt is dat ons gedrag in de openbare ruimte steeds meer trekken krijgt “jijbakken”. Ik doe het ook, want iedereen doet het. En zo maken we zelf een spiraal die helaas neerwaarts is gericht. Hoe daar uit te komen? Dan ontkom ik er niet aan om weer een ouderwetse kreet te gebruiken; “verbeter de wereld en begin bij je zelf”. Dus als we dat nu ‘s allemaal gaan doen. Ik zal er morgen mee beginnen. Wie doet er mee?

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.